2.3.4.2.1 Verstandig?

Meestal is bij kritiek en klachten de keuze voor overleg verstandig. Een enkele keer kiest men voor een andere aanpak.

Hoe doe ik dat?

  1. U geeft op; dit betekent dat u de kritiek voor u houdt. U vindt het niet belangrijk om de ander ermee te confronteren en u lost het probleem zelf wel op. Ook als u niet in de (machts)positie bent om de ander aan te spreken op zijn gedrag en het geven van de kritiek tegen u kan worden gebruikt, is het soms beter om u maar gedeisd te houden
  2. U geeft toe; dat wil zeggen dat u de ander in eerste instantie wel vertelt dat er iets is misgegaan, maar gaandeweg het gesprek laat u toe dat de ander de verantwoordelijk daarvoor van zich afschuift. Toegeven ontstaat vaak als de ander emotioneel reageert, bijvoorbeeld boos wordt of zich als slachtoffer gedraagt ("Ik kan het niet helpen, want...."). Uit schrik of medelijden laat men de eis varen dat de ander het probleem oplost dat is ontstaan door wat er is misgegaan. Relationeel richt men dan weinig schade aan, maar de kritiek heeft evenmin geleid tot een oplossing voor de ontstane schade
  3. U legt op; u brengt de kritiek hard en duidelijk naar voren en dwingt u de ander dat hij de schade herstelt en/of een herhaling voorkomt. U kunt voor deze aanpak kiezen als u vindt dat de ander een grote fout heeft gemaakt en als u ook in de (machts)positie bent om de ander daarop hard aan te spreken. Ook als u alleen uw hart eens stevig wilt luchten tegenover de ander en het u eigenlijk niet uitmaakt dat hierdoor de verstandhouding onder druk komt te staan, kunt u kiezen voor opleggen.